Calvijn – zeer ijverige kerkvernieuwer Rubriek: Kerkhistorisch ABC
!e deel kunt u HIER vinden 

Harm Veldman 2023

Nieuwe studies en vernieuwd geloof

Van 1528-1531 volgt Calvijn studies in Orléans en Bourges; hij behaalt het licentiaat in de rechten, wat veel betekende: het was het enige bewijs van afsluiting van een universitaire studie. Hij begint nu op eigen houtje ook een studie in de theologie. Hij ontwikkelt zich hierin als een ‘selfmade man’. En hij merkt dat diepgaande theologiestudie veel winst oplevert. Hij kiest nu, in 1533, subiet voor de Reformatie! Hij zal voortaan zijn gaven inzetten voor de goede leer van het Evangelie. Hij werkt mee aan de rede die zijn vriend Nicolaas Cop als rector aan de universiteit op 1 november 1533 zal uitspreken: het onderwerp is gekozen uit de Bergrede van Jezus: ‘Zalig de armen van geest’.  De toespraak ademt helemaal een reformatorische geest. De autoriteiten van Parijs komen erachter en besluiten de rector en zijn medewerker te arresteren. Maar zowel Calvijn als Cop weten door hun vlucht uit handen van de inquisitie te blijven. Een onzeker bestaan is nu hun lot. Cop wijkt uit naar Basel. Calvijn gaat te paard naar het zuiden waar één geleerde vertoeft die hij beslist wil spreken: de Franse classicus Jacques Lefèvre d’Etaples – in het Latijn: Jacobus Faber Stapulensis.

 

 

 

Hij is al op leeftijd, geboren omstreeks 1455/1460, en verblijft veel in het koninkrijk Navarre, waar hij beschermd wordt door koning Hendrik van Navarre en koningin Margaretha van Valois (zus van koning Frans I). Van de levenswijsheid van Lefèvre kan menigeen nog veel meekrijgen Calvijn zit daarbij nog met een steeds meer knellende vraag: Kun je nog wel met innerlijke vrede in de pauselijke kerk blijven of moeten kerkvernieuwers juist loskomen van die kerk? Hij wil Lefèvre daar graag over horen. Calvijn ontmoet Lefèvre inderdaad in Navarre, in het conferentiehuis dichtbij het kasteel van Nérac (foto). Voorjaar 1534.

Wat de twee mannen in Nérac precies met elkaar hebben besproken is niet bekend, maar we vermoeden dat het ook ging over Lefèvres houding om geen praktische consequenties te trekken uit zijn evangelische overtuiging. Dat zou kunnen samenhangen met een ander vermoeden, dat Calvijn in die tijd zijn eigen breuk met de Rooms-katholieke kerk heeft bekend gemaakt. En het is niet ondenkbaar dat hij Lefèvre heeft willen overhalen die stap ook te zetten. Immers, Lefèvre was immers de man die anderen de weg daarheen had gewezen. Die trouwens ook een positieve verstandhouding onderhield met Melanchthon, Oecolampadius, Zwingli en Bucer – allen reformatoren. Maar hijzelf zette formeel geen stap buiten de Rooms-katholieke kerk – hij bleef bij het ‘evangelisme’ zoals men zijn bijdrage als wegwijzer naar vernieuwing kan bestempelen. Jacques Lefèvre d’Étaples overleed in 1536 te Nérac.

Zwerftocht naar Basel

Calvijn heeft intussen als een grote zwerftocht achter de rug: vanuit Parijs was hij naar Orléans en Bourges getrokken (waar hij eerder gestudeerd had), daarna naar Angoulême, waar hij winter doorbrengt. Steeds ontmoet hij daar bekenden en vrienden die op hun beurt hem uitnodigen om Bijbellezingen te houden in hun huizen of desnoods in een grot. Maar het gevaar blijft en daarom reist Calvijn door via Poitiers naar Basel (waar Johannes Oecolampadius de Reformatie had doorgevoerd, hij was in 1531 overleden). In deze stad beschikt men over veel boekdrukkers. Waar Calvijn naar verlangt is rust; hij vindt onderdak (asiel) in de voorstad St. Alban en vertelt zijn hospita dat hij Martinus Lucianus (anagram van: Calvinus) heet – hij wil graag anoniem blijven. Gestadig werkt Calvijn aan de voltooiing van een boek dat hij graag ook in Basel gedrukt wil zien. Dat boek krijgt der naam: CHRISTIANAE RELIGIONIS INSTITUTIO. Kortweg: de Institutie (d.i. onderwijzing) – voorlopig in één deel, in een soort pocketvorm, gemakkelijk om in een binnenzak te (ver)stoppen. Het boek komt inderdaad uit in Basel in 1536. De naam van de schrijver staat afgedrukt: Joanne Calvino, uit Noyon; de naam van de drukker staat niet vermeld. Maar het boek begint niet direct met een uiteenzetting van de christelijke kleer: aan die tekst gaat een lange brief vooraf gericht aan koning Frans I van Frankrijk. De koning wordt aangeraden om de nieuwe christenen eerst eens heel goed te leren kennen en dus te stoppen met de vervolgingen. Helaas was nog op 16 februari 1535 Calvijns goede vriend Etienne de la Forge op de brandstapel omgebracht. Tegen die achtergrond is de Institutie een intensieve tocht begonnen naar alle mensen – vooral eerst geleerden – die uitzagen naar een heldere samenvatting van het christelijk geloof. Binnen enkele jaren was dit boekske uitverkocht. Calvijn werkt in grote ijver aan een nieuwe editie.

 

Nu volgt nog een beknopt overzicht van de activiteiten van Calvijn in Genève en in Straatsburg.

1536                 Calvijn wordt na zijn verblijf in Basel gastvrij ontvangen aan het hof van de evangelisch-gezinde René de France, hertogin van Ferrara (man r.k.); Calvijn wilda naar Straatsburg, maar komt niet verder dan Genève waar ds. Farel hem in de stad weet te houden).

Lector aan de Geneefse kathedraal St. Pierre (‘bijbellezingen’).

1537                 Artikelen voor de organisatie van de kerk te Genève gereedgemaakt; ook een

Geloofsbelijdenis en een Catechismus; oppositie (o.a. Caroli: Calvijn = Arianist)

1538                 Conflict met de overheid over liturgie en tucht (libertijnen de meerderheid)

Calvijn verbannen uit Genève; ook Farel moet het veld ruimen.

Calvijn via Lausanne, Bern, Zürich en Basel naar Straatsburg – predikant bij de Franse vluchtelingengemeente

1539                 Tweede, uitgebreide druk van de INSTITUTIE

Schrijft Commentaar op de ROMEINEN; ook: Antwoord aan SADOLETO

1540                 Godsdienstgesprek te Hagenau (juli, prot. en r.k.)

Huwelijk met Idelette de Bure (aug., weduwe van een wederdoper

1540-41            Godsdienstgesprekken te Worms en Regensburg (herfst + winter, tussen prot. en r.k.)

Deze gesprekken mislukken uiteindelijk wegens zeer uiteenlopende visie op de leer van de  rechtvaardiging door het geloof alleen!

1541                Teruggeroepen naar Genève, invoering Ordonnances ecclésiastiques (kerkorde)

1542                 CATECHISMUS voor Genève

1543-44            Conflict met Sebastiaan Castellio (vrijdenker)

1544 evj           Calvijn schrijft Commentaren op bijna alle Bijbelboeken (uitz. Openbaring)

1549                 Overlijden van Idelette de Bure (29 mrt.)

Overeenstemming met Bullinger: CONSENSUS TIGURINUS

1553                 Proces tegen Michael Servet (anti-trinitariër); dood op de brandstapel

1555                 Gereformeerde meerderheid bij verkiezingen in Genève

1556                 Reis naar Straatsburg en Frankfurt (ontmoet Joh. a. Lasco, de Poolse hervormer)

1559                 Franse Geloofsbelijdenis opgesteld (voor de geheime geref. synode te Parijs)

Opening ACADEMIE van Genève; Th. Beza wordt rector (5 juni); studenten uit heel

Europa; reformatorisch wetenschappelijk centrum met grote actieradius!

Calvijn ontvangt het burgerschap van Genève.

Definitieve editie van de INSTITUTIE (veel Ned. vertalingen in Emden gedrukt)

1562                 Pennenstrijd met de Nederlander Dirck Volckertszn. Coornhert (libertijn, vrijzinnig)

1564                 Overleden te Genève (27 mei) – op zondag begraven in onbekend graf.

 

Meest recente literatuur:

Herman J. Selderhuis, Calvijn, een mens. Kampen 2008

 

Vorig artikelRegiobrief 206
Volgend artikelBeschermd: DE STRIJD TEGEN HET WATER 
Mijn naam is Harm Veldman (* 1942) en ik ben sinds 1965 decennia lang onderwijzer/leraar geschiedenis geweest. Ik heb daarnaast veel onderzoek gedaan naar lokale en regionale kerkgeschiedenis, maar ook naar de nationaal-kerkelijke ontwikkelingen in Nederland. Mijn grote interesse betreft de eeuw van de Europese Reformatie.Mijn promotieonderzoek richtte zich op het leven en werk van Hendrik de Cock, de ‘vader van de Afscheiding van 1834’. De promotie vond plaats in 2009 aan de Theologische Universiteit van de GKv te Kampen, promotor was prof. dr. M. te Velde.